's Hertogenbosch Kop van ’t Zand/Orthenpoort Zuid

De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft te maken met een ontwikkelingsopgave voor het gebied Kop van ’t Zand/Orthenpoort-Zuid (Broedgebied Tramkade) als onderdeel van het Spoorzoneprogramma. 

Om regie te kunnen voeren en een ontwikkelkader te kunnen maken voor de toekomstige ontwikkeling (na 2025), heeft de gemeente ’s-Hertogenbosch binnen het gebied strategische grondposities verworven.

In het coalitieakkoord is expliciet opgenomen om onderzoek te doen naar het behoud van de Tramkade met de verwachting dat deze locatie zich verder ontwikkelt tot een culturele broedplaats – een belangrijke aanvulling op het programma van de binnenstad van ’s-Hertogenbosch. 

Het resultaat van deze opdracht aan een het O-team heeft een belangrijke input geleverd voor het Ruimtelijk Functioneel Kader (RFK) voor de ontwikkeling van het projectgebied. 

23 januari 2019 – 20 maart 2019
Opdrachtgever: Gemeente ‘s-Hertogenbosch

Ontwerprichtingen

Naar aanleiding van een uitgebreide inventarisatie en gesprekken met de gemeente heeft het O-team een drietal thema’s voor het projectgebied Kop van ’t Zand en Orthenpoort Zuid – gelegen aan weerszijden van De Dieze - gedefinieerd en bij elk thema een ontwerpbureau geselecteerd.

Thema: identiteit

Met onder andere Willem II, De Verkadefabriek, de Brabanthallen en de Tramkade is een succesvolle basis gelegd om dit gebied uit te laten groeien tot een cultureel cluster voor de stad ’s-Hertogenbosch of wellicht de gehele provincie Noord-Brabant. Is het wenselijk om de reuring van de Tramkade ook door te trekken naar de noordzijde, of krijgen/behouden beide zijden van de Dieze een eigen dynamiek, sfeer en karakter?

Ontwerpbureau: BVR Adviseurs Ruimtelijke Ordening – Hilde Blank

Thema: isolement 

De 80 jaar oude Diezebrug speelt in dit thema een belangrijke rol. De brug is vanwege zijn ouderdom mogelijk aan vervanging toe en ontneemt door zijn hoogte onder andere het zicht op de historische binnenstad. Bovendien is het projectgebied geheel ingesloten door wegen, water en spoor. De vraag is hoe je dit gebied uit zijn isolement kunt halen, door zowel fysiek als gevoelsmatig nieuwe verbindingen te maken met de omgeving.

Ontwerpbureau: Juurlink [+] Geluk – Cor Geluk

Thema: waterfronten 

De onderzoeksvraag voor dit thema is om te kijken naar een aantrekkelijke inrichting, functionaliteit en gebruik van de oevers. Met daarbij extra aandacht voor de toekomstige gebruikers van de oevers, leent de oever zich om ingericht en geprogrammeerd te worden als locatie voor de stad of vooral voor de buurt. En wat is invloed van deze keuzes op de samenhang, functionaliteit en sfeer van de noord- en zuidoever?

Ontwerpbureau: KruitKok Landschapsarchitecten – Mariëlle Kok

Fase 1: Kick-off 23 januari 2019

De eerste kennismaking van de ontwerpers met de opdrachtgever, stakeholders en het O-team vond plaats op 23 januari 2019 op de Tramkade, midden in het projectgebied Kop van ’t Zand/Orthenpoort Zuid. Naast kennismaken is het doel van de kick-off ook om zoveel mogelijk informatie uit te wisselen tussen de ontwerpers en stakeholders ter voorbereiding op de ontwerpende onderzoeken. Het O-team en de gemeente schetsen de aanleiding en achtergrond van de opdracht. Nadat de ontwerpers zich hadden voorgesteld volgde er een Q&A met de stakeholders van het gebied. Ter afsluiting van de kick-off hebben de ontwerpers tijdens een wandeling met de aanwezigen fysiek kennis kunnen maken met het projectgebied.

Fase 2: Spiegeldag 20 maart 2019

De opbrengst van de inventarisatie, het ontwerpend onderzoek door de bureaus en de workshop tijdens de spiegeldag worden hierna per deelverkenning samenvattend uiteengezet. De volledige verkenningen zijn terug te lezen in de rapportages van de bureaus welke terug te vinden zijn aan het eind van ieder deelverkenning.

Thema Identiteit door BVR

Hilde Blank (BVR) presenteerde vier identiteiten voor het gebied gericht op verschillende doelgroepen – refererend aan internationale voorbeelden: 

  1. De Tramkade, als kunst en cultuurcluster op de Kop van ’t Zand aangevuld met gemengd wonen en werken;
  2. Het Jheronimuspark, als recreatief cultuur/datapark aan beide zijden van het water;
  3. Dieze Buiten, met veel ruimte voor stadsnatuur en functies op het gebied van duurzaamheid en gezondheid zoals stadslandbouw; en
  4. Waterbosch, als gemengd stedelijk gebied met waterrijk wonen. 

De Tramkade - referentie: Friedrichschain Berlijn

Achter de historische gevels openbaart zich een nieuwe wereld. Het rauwe randje bepaalt vooral de aankleding en de sfeer. De programmatische invulling van de her te gebruiken gebouwen en openbare ruimte zijn van hoge kwaliteit en gericht op sport, recreatieve voorzieningen, horeca, kunst en cultuur en kleinschalige conferenties. Het is een hotspot waarmee ‘s-Hertogenbosch zich op de kaart zet. 

De Tramkade - referentie: Friedrichschain Berlijn

Het Jheronimuspark - referentie: Ilse das Machine Nantes

Jheronimus Park is een modern themapark waarvoor de hele wereld speciaal naar ‘s-Hertogenbosch komt. Een unieke plek waar het verhaal van ‘s-Hertogenbosch kan worden verteld aan de rand van de oude binnenstad, waar vroeger ook een deel van de vesting heeft gestaan. De figuren uit de schilderijen van Jheronimus Bosch kunnen echt tot leven komen, zowel in de gebouwen als op straat.

Het Jheronimuspark - referentie: Ilse das Machine Nantes

Dieze Buiten - referentie: Jardin del Turken Valencia

Dieze Buiten is een stepping stone tussen Bossche Broek en de Maas. Hier krijgt stadsnatuur vrij spel met ruimte voor nieuwe exoten en speelt ‘s-Hertogenbosch actief in op klimaatverandering. Functies in het gebied zoals de Brabanthallen, de moskee en de Citadel komen in een prachtige groene setting te liggen die zich leent voor verschillende stadswandelingen met kleinschalige functies.

Dieze Buiten - referentie: Jardin del Turken Valencia

Waterbosch - referentie: Vastra Hamnen Malmö

De gewaardeerde kwaliteiten van de binnenstad van ‘s-Hertogenbosch: kleine gezellige straatjes, hoog niveau horeca aanbod, en compact zijn uitgangspunten voor deze internationale woonwijk. Waterbosch is over water en met de fiets verbonden met de omgeving en door de ligging nabij het station direct verbonden met steden als Amsterdam, Utrecht en Eindhoven. Internationale kenniswerkers, maar ook woningzoekenden uit de regio vinden hier een plek.

Waterbosch - referentie: Vastra Hamnen Malmö

Toekomst voor huidige gebruik en het toevoegen van groen

De verschillende toekomstbeelden zijn bedoeld om de discussie te voeden en om samen met de gebiedspartijen en stakeholders te komen tot een gewenst programma van eisen.

Tijdens de discussie met de aanwezige stakeholders op de spiegeldag bleek de mogelijkheid tot het combineren van scenario’s doeltreffend. Er was een grote voorkeur voor de scenario’s Tramkade en Dieze Buiten, omdat dit het huidig gebruik een toekomst geeft (Tramkade) en het groen en natuur aan de stad toevoegt (Dieze Buiten).

Download het onderzoeksrapport van BVR.

Thema Isolement door Juurling[+]Geluk

Deze verkenning start met de stelling van Cor Geluk (Juurlink[+]Geluk) dat het aanpassen van de Diezebrug geen optie is. De huidige brug vormt een barrière in de stad (in schaal, de ontstane restruimtes en de muurwerking van de overspanning), terwijl een nieuwe brug de potentie heeft om een verbindend element te zijn die het gebied Kop van ’t Zand-Orthenpoort Zuid en het centrum bijeenbrengen. De vraag die beantwoord moet worden is of je voor één of meerdere bruggen kiest en waar je deze bruggen dan neerlegt om een optimale stedelijke en landschappelijke kwaliteit te creëren.

Een tweede opgave die Cor ziet is om de groene ring rondom het stadscentrum van ’s-Hertogenbosch ter plaatse van de Kop van ’t Zand en de Diezebrug te vergroenen. 

Juurlink[+]Geluk komt naar aanleiding van het ontwerpend onderzoek tot een tweetal verkeersscenario’s met elk twee varianten – waarbij niet alleen wordt gekeken naar de locatie van de bruggen en de functie hiervan, maar ook naar aansluiting van deze nieuwe bruggen bij de reeds bestaande bruggeen in de stad.

Alle varianten gaan uit van de sloop van de Diezebrug, het downgraden van het verkeer naar lokaal gebruik (met bussen), het creëren van ruimte rondom het bolwerk en de aanleg van lage nieuwe brug(gen) zodat er veel meer kans ontstaat om het nieuwe verkeerssysteem te integreren in de huidige omgeving. Ten slotte is er de keuze gemaakt om stedelijke doorstroming hier geen prioriteit te geven.

De verplaatste brug

Het scenario ‘de verplaatste brug’ toont een nieuwe verbinding over de Dieze ter plaatse van de Tramkade (variant A). Deze is toegankelijk voor lokaal autoverkeer, bussen, fietsers en voetgangers. 

Met een extra brug voor voetgangers en fietsers bij de Veemarktweg (variant C) zijn er bovendien diverse ommetjes in het gebied te maken die vooralsnog ontbreken.

Het slopen van de Diezebrug en het maken van lage nieuwe bruggen over het water levert stedenbouwkundig en landschappelijk veel kwaliteit voor de plek op; in beleving, maar ook in de verbinding met het centrum. Daarbij zijn er altijd minimaal twee bruggen nodig voor een goede ontsluiting; een brug voor gemengd verkeer en een voet-fietsbrug.

De Ring

Scenario - ‘de ring’ - toont een verkeersring rondom het plangebied en de citadel, waardoor een meer autoluw binnengebied ontstaat met in het verlengde van de Tramkade een nieuwe voet-fietsbrug in plaats van een brug voor gemengd verkeer (variant B). Het ringconcept is vooruitstrevend in het feit dat de auto’s en bussen niet meer door maar langs het gebied rijden. 

Het verkeersgeluid wordt naar de randen van de locatie gedrukt. Dit betekent wel dat er nu veel extra verkeer over de Boschdijkstraat – Veemarktweg gaat, wat op weerstand zal stuiten bij aanwonenden. De latente kans om Willem II en de Verkadefabriek als cultuurcluster aan een centraal plein te leggen, staat in dit model bovendien onder druk. 

Naar aanleiding van de discussie tijdens de spiegeldag heeft Cor nog een variant benoemd op het ringmodel waarin de belasting van de verkeersdruk op de Boschdijkstraat en Veemarktweg wordt teruggebracht. In deze variant voegt hij twee voet-fietsbruggen toe aan het gebied en wordt ‘de ring’ rondom het gebied verder vergroot (variant D) – een combi van eerder geschetste varianten.

Tot slot merkt Cor voor de varianten interessante meekoppelkansen op:

  • Het bewaren van de bruggenhoofden van de Diezebrug die binnenin een haast kathedraalachtige kwaliteit hebben en geschikt zijn om te exploiteren en/of als uitkijkpunt te benutten.
  • Het afgraven van de rand van de ravelijn (buitenwerk van de vesting) zodat dit erfgoed meer zichtbaar wordt en een natuurlijke plek voor tijdelijke waterberging ontstaat;
  • Het terugbrengen van het verdwenen bastion met grond uit het plangebied.

Download het onderzoeksrapport van Juurling[+]Geluk.

Thema waterfronten door KruitKok

Mariëlle Kok (KruitKok landschapsarchitecten) heeft zich in het onderzoek gericht op hoe om te gaan met de waterfronten en het vergroten van het waterbergend vermogen in het gebied. Net als BVR heeft ook KruitKok zich laten inspireren door geslaagde projecten in binnen- en buitenland. Dit heeft geresulteerd in een vijftal varianten met een robuust groenblauw netwerk en nieuwe publieke ruimte aan het water, gecombineerd met nieuwe stedelijke milieus. 

De vijf varianten van KruitKok

‘Diezerhavens’ is geïnspireerd op het terugbrengen van de voormalige havens waardoor vijf kloeke inhammen met terrassen aan beide zijden van de Dieze ontstaan.

‘Diezerhavens’

Bij ‘Silopark aan het spoor’ is dit idee uitgewerkt in vijf kleinere inhammen aan de oever van Orthenpoort-Zuid. Hier is het contrast in de strakke harde oevers in Kop van ’t Zand opgezocht en een fijnmazig regenwatersysteem in de groenstructuur van het nieuwe woongebied voorgesteld. 

‘Silopark aan het spoor’

‘Kanaal en nevengeul’ zet in op het vergroten van het stroomgebied van de Dommel en de StadsAa en versoepelt de huidige haakse hoeken die belemmerend zijn voor het stromende water. Beide gebieden aan weerszijden van de Dieze worden omzoomd met water. 

‘Kanaal en nevengeul’

De variant ‘Waterpark Dieze’ daarentegen laat zien dat binnen het bestaande waterprofiel – dus zonder het huidige stroomgebied aan te passen - met oeveraanpassingen en doorgaande routes en attractieve elementen nog heel veel mogelijk is voor mens, flora en fauna.

‘Waterpark Dieze’

Als laatste wordt in het model ‘Natuurpark Orthenpoort’ gekozen voor een harde oever met een stadsboulevard bij Kop van ’t Zand en flauwe oevers met veel maat voor natuurontwikkeling bij Orthenpoort-Zuid.

Mariëlle sluit het onderzoek af met een belangrijke boodschap. “Alle scenario’s inspireren tot dagdromen [..]. Belangrijk is in ieder geval dat - om tot een robuust functioneel kader te komen - een aantal principiële keuzes worden gemaakt op het gebied van waterbeheer, waterveiligheid, ecologie, identiteit, continuïteit van verbindingen langs het water en beleving van het water.”

Download het onderzoeksrapport van KruitKok.

Advies O-team

De wens tot een hoogstedelijk gebied met een mix aan functies en reuring in Kop van ’t Zand/Orthenpoort-Zuid vraagt om een integrale stadsontwikkeling en een aantal fundamentele keuzes over de identiteit van het gebied, de waterfronten en de verkeersafwikkeling. Vanuit de door de drie ontwerpbureaus aangedragen inspiratie met veelbelovende voorbeelden en scenario’s, komt het O-team tot de volgende set aan aanbevelingen.

1. Benut bijzonderheid van de plek

Kies voor een programma dat de bijzonderheid van de plek benut en extrapolatie van de kwaliteiten van de stad weergeeft. BVR heeft de scenario’s extreem gemaakt waardoor ze zich goed lenen voor een breed gesprek. Maar los van deze scenario’s kunnen wij ons in ieder geval niet goed voorstellen afscheid te nemen van het voor ‘s-Hertogenbosch unieke Tramkademilieu.  Een dergelijk bijzonder stedelijk gebied - dat zich leent voor een hoogstedelijke invulling, met een hoge kwaliteit mix aan functies, ‘edgy’ en met ‘reuring’ - heeft de stad ’s-Hertogenbosch nog niet en is goed te combineren met diverse waterfrontmilieus en vormt een uitgesproken toevoeging aan het profiel van de stad. 

2. De juiste bruggen voor een optimale ontwikkeling

Downgrade het verkeer en leg nieuwe bruggen aan zodat het gebied zich optimaal kan ontwikkelen en aansluit op de binnenstad.We zien in de praktijk dat het downgraden van routes in de stad – al dan niet in combinatie met de verdichtingsopgave - momenteel een actueel vraagstuk is waaraan in veel steden wordt gewerkt. De dominantie van de auto, maar ook van grote bussen kan de leefbaarheid en de beleving in de stad negatief beïnvloeden. Andere mobiliteits-concepten raken nu in zwang en ook wordt er steeds meer gedacht vanuit mobiliteitshubs om steden beter toegankelijk te maken.

In de voorgestelde verkeersscenario’s van Juurlink[+]Geluk onderscheiden wij twee nieuwe circulatieschema’s (‘de verplaatste brug’ en ‘de ring’). Beide modellen hanteren de uitgangspunten om de Diezebrug te slopen en op andere, meer logische plekken, nieuwe en lage bruggen te realiseren. Dit achten we sterk omdat de fasering technisch handig is, stedenbouwkundig logisch is en passend lijkt om de doorstroming van gemotoriseerd verkeer hier niet langer prioriteit te willen geven. 

Ook valt op te merken dat het ringmodel mogelijk sterker is als er voor autoverkeer een knip wordt gelegd halverwege de Boschdijkstraat tot bij de spoorbrug over de Veemarktweg. Hierdoor kan het cultuurcluster bij de Verkadefabriek en Willem II aan een pleinachtige ruimte komen te liggen. De circulatieschema’s tonen kansrijke nieuwe brugposities, hebben een verschillend effect op doorwaadbaarheid van het gebied, het oevergebruik en de aansluiting op het centrum. 

3. Blijf bescheiden

Maak de nieuwe brug(gen) niet iconisch maar bescheiden. Het icoon aan de Dieze is wat ons betreft het plangebied zelf met de voormalige mengfabriek en de silo’s. Dit industriële complex is historisch erfgoed dat in belangrijke mate de uitstraling van het waterfront bepaalt. Het is daarom gepast om hier niet mee te concurreren, de nieuwe brug(gen) bescheiden en laag te houden en uit te voeren als een gemetselde boogbrug of basculebrug zoals er nog meer van in de stad voorkomen. 

4. Waterfronten als publieke ruimte met waterbergend vermogen

Zorg dat de nieuwe waterfronten een bijdrage vormen aan het waterbergend vermogen en de natuurkwaliteit van de stad, in combinatie met de realisatie van nieuwe stedelijke publieke ruimte. De vijf scenario’s tonen heel goed dat de potentie van de waterfronten veel groter is dan alleen het realiseren van een stedenbouwkundig front. Het gaat ook om het vergroten van het waterbergend vermogen, de aanleg van natuur en het maken van een publieke ruimte aan het water. Het is dus een kwestie van en-en, waardoor een aantrekkelijke verblijfsruimte voor de stad kan ontstaan met functionele en visuele waarde.

De waterfronten bieden een grote keuzevrijheid aan inrichtingsprincipes. Een stedelijke uitwerking van het front aan de zijde van Kop van ’t Zand, waarbij het laag liggende water beter kan worden benaderd (denk aan treden, havenbekken(s), routes op of aan het water), en waar ook stadsnatuur floreert, sluit wat ons betreft het beste aan bij de toekomstige uitstraling en invulling van het gebied. 

5. Voet-fietsverbinding naar station

Realiseer een extra goede voet-fietsverbinding met het station. Nieuwe ontwikkelingen in dit stadsdeel zijn gebaat bij een goede aantakking op het station. We stellen ons daarom ook voor dat een studie naar een nieuwe noordelijke stationsentree verdere verbeteringsmogelijkheden voor het gebied kan opleveren.

6. Gebiedsgerichte aanpak

Laat de opgaven samenvallen en breng ze bijeen in een samenhangende aanpak. Met het uitzetten van de drie ontwerponderzoeken hebben we drie relevante onderzoeksthema’s doorgelicht. Daarnaast is het minstens zo belangrijk om een stevige gebiedsgerichte organisatie op te zetten en een voorstel voor de marktbenadering te ontwikkelen, waarbij de omvang van de te ontwikkelen eenheden en de gebouwgerichte ontwikkelingen door eigenaren, een logische en doordachte plek krijgen.

Ontwikkel een samenhangende aanpak die een positieve impuls geeft aan het gebied. Geef daarbij ook de informele economie, die zo gewaardeerd wordt, een plek in de ontwikkelstrategie om te voorkomen dat dit financieel onmogelijk blijkt.

Download het adviesrapport van het O-team met de uitgebreide adviezen.