BEATRIXKWARTIER - CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG

PROJECT: BEATRIXKWARTIER - CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG
een duurzame en innovatieve inrichting van de Utrechtsebaan en omgeving

30 oktober 2020 – 8 april 2021
Opdrachtgever: gemeente Den Haag. 
 

AANLEIDING – OPGAVE

De ambitie van de gemeente Den Haag voor het Beatrixkwartier is het creëren van een inspirerende omgeving voor bedrijven, kenniswerkers en jong talent als onderdeel van het Centraal Innovatie District Den Haag. Een gemengd zakendistrict met metropolitaans wonen. Een gebied van reuring met hoge dichtheid, functiemenging, voorzieningen en ruimte voor ontmoeting. 

Idealiter transformeert de Utrechtsebaan op termijn van vervuiler, naar duurzame generator voor stedelijke ontwikkeling door een overkluizing met daarop een groen voorzieningenpark. De probleemopgave van de Haagse vraagstellers is dat de balans tussen het verdichten enerzijds en het verduurzamen en vergroenen anderzijds er nog niet is; de kracht van verstedelijking domineert. 

Het O-team heeft daarom de volgende vraag achter de vraag herleid:
Het is nodig om voor het Beatrixkwartier (met daarbij specifieke aandacht voor de Utrechtsebaan en de Beatrixlaan) uitdagende ideeën en integrale en innovatieve oplossingen voor een duurzame inrichting van het maaiveld, de ondergrond en de aanliggende gebouwen te genereren op het gebied van vergroening en verduurzaming.

ONDERZOEKSTHEMA’S

Op basis van een aantal gesprekken met de gemeente Den Haag over de balans tussen verdichten, vergroenen en verduurzamen heeft het O-team voor dit project gekozen voor één ontwerpthema; genaamd ‘Topkwartier met Topicoon’. 

‘Topkwartier’ refereert aan het Beatrixkwartier, waar we een topleefklimaat willen ontwikkelen dat klimaatbestendig EN energieneutraal is.

‘Topicoon’ refereert naar het park op de overkluizing van de Utrechtsebaan, waarvoor de gemeente de ambitie heeft er een groenblauw Haags icoon van te maken

Bijzonder voor het O-team is dat het naast de ontwerpbureaus LOLA Landscape Architects en PosadMaxwan ook twee expertise-bureaus heeft betrokken bij deze opgaven – één op het gebied van klimaat en één op het gebied van duurzaamheid.  

IF Technology is als ‘expert hernieuwbare energie’ gevraagd de ontwerpers gedurende de onderzoeksperiode te reflecteren/ adviseren over de potentie van (nieuwe) energiesystemen op de schaal van ‘gebied’ naar ‘gebouw’ in het Beatrixkwartier. 
IF Technology beoordeelt zowel de kwantitatieve als kwalitatieve waarde van de ideeën van de ontwerpers. 

Greenpass hebben als ‘expert milieu’ met specialistische kennis op het gebied van klimaatbestendigheid, wind, leefbaarheid en groen een doorrekening gemaakt van de resultaten die door de onderzoeksbureaus zijn opgeleverd. Om aan te tonen wat de effecten van deze ontwerpen zijn worden ze vergeleken met de waarden zoals die door Greenpass bij aanvang van het project zijn bepaald. 
 

KICK-OFF 30 oktober 2020

In verband met COVID was er op 30 oktober een online-kick-off in plaats van een startbijeenkomst op locatie – zoals het O-team dat graag doet. Nadat opdrachtgever, ontwerpers en stakeholders via een scherm met elkaar kennis hadden gemaakt, presenteerde de gemeente Den Haag de opgave voor het Beatrixkwartier. Vervolgens gingen de deelnemers met elkaar in gesprek om de ontwerpers zoveel mogelijk te voeden met voor het onderzoek relevante informatie. 

SPIEGELBIJEENKOMST 15 januari 2021

LOLA Landscape Architects en PosadMaxwan hebben tijdens deze (online) Spiegelbijeenkomst de resultaten van het ontwerpend onderzoek gepresenteerd aan het O-team, de bestuurders en ambtenaren van de gemeente Den Haag en een grote groep stakeholders. Ook zijn de bevindingen en adviezen van de experts op het gebied van ‘milieu’ en ‘hernieuwbare energie’ met de aanwezigen gedeeld.

 
Al deze onderzoeksresultaten vormen samen met de reacties van de stakeholders de basis voor het adviesrapport zoals het O-team dat heeft opgesteld. 

PosadMaxwan

PosadMaxwan heeft de focus gelegd op de overkluizing van de Utrechtsebaan. Er ontstaan kansen om een grote barrière in de stad te slechten en nieuwe woningen en werkplekken te creëren. De nieuwe grote openbare ruimte wordt als stadsbos ingericht.
Het park boven op de Utrechtsebaan, het CID park, is in zijn maat en schaal kansrijk voor de buurt en de wijk. 

PosadMaxwan geeft aan dat de overkluizing een ecologische verbinding kan opleveren tussen het Haagse Bos en de Schenkkade. Een verkoelend bomengrid, met een onderlaag van heesters en een kruidenrijk grasmengsel in plantvakken langs voet- en fietspaden die kunnen dienen als ‘steppingstones’ voor insecten, vleermuizen en vogels. 

Het warmte- en koudeopslagsysteem (WKO) wordt zichtbaar gemaakt in het park middels het aanleggen van een WKO-meubel – dat dienst doet als de langste bank van Europa, met verschillende invullingen: van speelrek tot kiosk en van skateramp tot waterelement. 

In de N-Z richting wordt een hoofdfietsroute voorgesteld in een aangename verbinding. Ook is versterking van het voetgangersnetwerk aan de orde door de aanleg van kleine fijnmazige netwerken met sport en rustplekken. 
 

PosadMaxwan geeft in hun onderzoek aan het verantwoord te vinden om middels sloop- nieuwbouw de gesloten straatwand van Bezuidenhout West te vervangen door nieuwbouw. Het gaat daarbij om de toevoeging tot 124.000 m2 extra BVO (90% wonen, 10% voorzieningen). 

LOLA Landscape Architects

Ruim vijftig jaar was het tijdperk van de infrastructuur. Het toenemende gebruik van de auto resulteerde destijds in een iconische infrastructuur. Rond 2000 lag de nadruk vooral op de massale kantorenmarkt dat resulteerde in architectonische iconen over de Utrechtsebaan en rondom het plangebied. Nu is, volgens LOLA, dan eindelijk het tijdperk aangebroken om de leefbaarheid en de natuur weer terug te krijgen. 

Programma

Strategie is om de gridlijnen - zoals die door LOLA zijn geïdentificeerd - door programmatische interventies op de knooppunten meer zichtbaar te maken. 
Het voorstel is om een verdichtingsstrategie te hanteren en hiermee stadsblokken aan te pakken met groene, (half-)open binnentuinen. Door het herbestemmen van de plinten voor een groene doorloop (Noord) en parkeren (Oost) kan de auto uit het straatbeeld verdwijnen en kwaliteit worden toegevoegd. 

LOLA benoemd vier deelgebieden met verschillende problematieken en oplossingen:
1.    Schenkkade als singel. 
2.    De Buurtroute tussen Bezuidenhout Oost, West en Rivierenbuurt Noord. 
3.    Door de Beatrixlaan als levendige stadsboulevard in te richten.Grootste ingreep om dit te bereiken is het wegnemen van 1 dubbele rijbaan. Een WKO onder de metrolijn en de nieuw aangelegde waterpartij fungeert ook als warmtebron hiervoor.
4.    Maak van de Utrechtsebaan een iconisch stadspark met gevarieerd programma dat alle lijnen bij elkaar brengt.
 

IF Technology

IF Technology heeft voor het gebied nagedacht over de energieopgave. Een collectieve lage temperatuur warmte- en koudevoorziening ligt voor de hand. Naar mate de gebiedsvisies in meer detail uitgewerkt gaan worden is het belangrijk om ook de energievisie in een vroeg stadium en gelijklopend met de stedenbouwkundige ambities verder te concretiseren en optimaliseren. 

IF Technology heeft ook de visie en schetsen van beide bureaus beoordeeld en geadviseerd op het gebied van de energieopgave. 

PosadMaxwan In hun gebiedsvisie houden ze rekening met de benodigde inpassing van de energie infrastructuur en wordt er actief gezocht naar manieren om de energieopgave op een relevante en interessante manier zichtbaar te maken in de wijk. De WKO-ruggengraat zou de voorgestelde bank kunnen koelen. Door deze koeling toe te passen kan het koudeoverschot afnemen. En hoeft er dan minder warmte ingevangen te worden. 

LOLA Landscape Architects heeft naar oordeel van IF Technology eveneens een goed begrip van de basisregels van levering van duurzame warmte en koude. De indeling in stroken geeft de noodzakelijkheid tot ordening van de opslagsystemen goed weer. Naast inpassing op gebiedsniveau heeft LOLA ook bij de schetsen van het straatprofiel rekening gehouden met inpassing van het WKO net.

Greenpass

Greenpass heeft in opdracht van de gemeente Den Haag aanvullend onderzoek uitgevoerd naar de milieu- en klimaateffecten van de verschillende voorstellen. Het is voor het eerst in het bestaan van het O-team dat deze kwantitatieve en kwalitatieve beoordeling van de verschillende uitkomsten tijdens het project beschikbaar zijn en deze uitkomsten meegenomen konden worden in het advies. 

Greenpass heeft bij de start van dit project de 0-situatie (Status Quo) van het projectgebied en het zogenaamde ‘Model 4’ (Concept Gebiedsagenda) doorgerekend om aan te kunnen tonen wat de klimaateffecten van de voorstellen van de bureaus op het projectgebied zijn.

Om tot een vergelijk te kunnen komen bepaalt Greenpass voor elk scenario vijf Key Performance Scores (KPS’s) binnen de thema’s klimaat, energie, water en lucht. 

Greenpass heeft aan de hand van modellen met name een kwantitatieve meting uitgevoerd; nog niet zozeer een kwalitatieve analyse waaruit ontwerpers kunnen afleiden aan welke knoppen zij kunnen draaien om hun ontwerp te verbeteren op het gebied van hittestress en thermisch comfort. 
         
In het rapport worden de modellen van de status quo, het gemeentelijke model en de ontwerpen van PosadMaxwan en LOLA naast elkaar gezet. Hieruit valt af te lezen dat het overkluizen en vergroenen van de Utrechtsebaan een veel beter leefklimaat oplevert. 

Ondanks de verschillen in de ontwerpen van de bureaus pakt de score voor beide goed uit. Zo heeft PosadMaxwan bijvoorbeeld veel grote bomen op de overkluizing van de Utrechtsebaan geplant, wat tot een goede totaalscore leidt. LOLA heeft iets minder bomen en bovendien middelgrote en kleinere bomen in het park geplant, maar weet door het netwerk van groen in het Beatrixkwartier op klimaat en vergroening te scoren.

Greenpass komt in hun onderzoek verder tot een aantal plus- en verbeterpunten voor beide ontwerpen.
 

ADVIES O-TEAM

Dit project van het O-team heeft een rijk boeket aan ideeën en inspiraties opgeleverd. Aan de resultaten valt af te lezen hoe complex de opgave is en aan wat voor een ideeën en oplossingen valt te denken. Ons advies bieden we aan in de vorm van aanbevelingen welke ook gelezen kunnen worden als lessen uit dit traject. 

1.    Kies tot hoe ver het park op de overkluizing van de Utrechtsebaan naar het noorden kan worden doorgetrokken 
Een lineair park boven op de overkluizing van de Utrechtsebaan krijgt natuurlijk meer betekenis en kwaliteit als het geen opzichzelfstaand park is, maar onderdeel uitmaakt van een groter stedelijk systeem. 

PosadMaxwan wil van deze missing link een Rijkspark in de vorm van een stedelijke pleinruimte maken, met ten zuiden daarvan een bomenpark. Deze lange parkruimte verbetert de directe leefomgeving, is een ontspanningsruimte voor het kantorengebied en een recreatieve sport en spelruimte voor Bezuidenhout West en de nieuwe bewoners daarvan. 
 

LOLA zet in op het maken van een groene parkloper met veel bomen en openbare publieke functies. De parkstrip krijgt een onderdoorgang dwars door ‘The Bridge’, en loopt door tot letterlijk in het Haagse Bos. Daartoe ontwerpt het bureau een cultureel plein op de Bezuidenhoutseweg; de auto’s zijn hier nu te gast (of gaan onder het plein door). 

2.    Maak een hoogwaardige inrichting boven op de Utrechtsebaan
De parkinrichting moet recht doen aan deze bijzondere plek. Dat betekent hoogwaardig met:
Daglichttoetreding in de overkluisde bak van de Utrechtsebaan - dit kan bijvoorbeeld ter plaatse van de waterspiegel dat in het plan van LOLA zit;
Zorg voor voldoende bewortelbare ruimte. Het is ook denkbaar om het maaiveld van het park richting Bezuidenhout West op te laten lopen zodat een soepele overgang naar de achterliggende wijk ontstaat;
Benut de ruimte van de op- en afritstroken van de Utrechtsebaan die komen te vervallen voor bomen in de volle grond;
Programmeer de parkplinten, liever dan in het lineaire park gebouwde voorzieningen te plaatsen. Kijk ook nog eens secuur naar het gebouw The Bridge. Deze splitst het park nu in tweeën, terwijl het een grote kwaliteit is als de parkruimte onder het gebouw doorloopt.

3.    Realiseer een fijnmazig groen systeem met comfortabele voet- en fietsroutes
Het Beatrixkwartier gaat wat ons betreft mee in het toekomstbeeld van het Central Innovation District (CID) waarin de auto minder ruimte krijgt, een aantal lange stedelijke lijnen worden hersteld en het landschap in de stad wordt verstevigd. Dit is goed voor het (leef)klimaat, de biodiversiteit en de doorwaadbaarheid van de stad voor wandelaars en fietsers. 

Zowel LOLA als PosadMaxwan hebben een samenhangend groen systeem met een veilig langzaam verkeersnetwerk ontworpen, met zo min mogelijk kruisingen in het plangebied. 

4.    Ontwerp de ondergrond tegelijk met de bovengrond mee
Vergroenen kost ruimte, ook ondergronds. Bekijk daarom een bovengrondse ingreep altijd in samenhang met de inrichting van de ondergrond, zodat u later niet voor verrassingen komt te staan.

In het ontwerpend onderzoek van LOLA is deze samenhang optimaal bekeken. In de voorgestelde profielen liggen de kabels en leidingen zoveel mogelijk op een plek waar je er bij werkzaamheden goed bij kan. Pas in tweede instantie liggen de kabels en leidingen onder een fietspad of een rijbaan. We bevelen aan de doorsneden goed in het veld te controleren; is uitvoering hiervan daadwerkelijk mogelijk of rekenen we ons ergens onterecht rijk?

Beide bureaus hebben geen centrale leidingengoot in het gebied voorgesteld. Dit zou ruimte technisch hyperefficiënt zijn geweest, maar het is ook een zeer kostbare oplossing. Maak opnieuw de afweging tussen ruimteefficiëntie en kosten van een leidingengoot.

5.    Kies voor een andere mobiliteitsstrategie
Kijkende naar de toekomst van het gebied dringt zich de vraag zich op of we hier niet toe moeten naar een mobiliteitsstrategie die sterker inzet op openbaar vervoer, park & ride en nieuwe doelgroepen die passen bij deze stedelijke context. 

We zien in de ontwerpvoorstellen dat diverse op- en afritten worden van de Utrechtsebaan afgehaald (PosadMaxwan versmalt deze weg bovendien) met als gevolg dat de kruispunten die bovenlangs overblijven zwaarder belast zullen worden. Daarnaast verwachten we dat er in het Beatrixkwartier rijbanen zullen verdwijnen alsook parkeerplaatsen. 

Het stellen van nieuwe eisen aan mobiliteit in de stad, gecombineerd met ondergronds parkeren, biedt ruimte voor vergroening en voor voetgangers en fietsers. Dit past naar ons idee bij de toekomst van dit gebied. We bevelen wel aan om nog eens grondig te kijken in hoeverre het autoverkeer kan worden afgewaardeerd.

6.    Verdicht rondom de overkluizing van de Utrechtsebaan 
De gemeente Den Haag heeft de ambitie geformuleerd om de Utrechtsebaan van vervuiler naar verduurzamer te transformeren en daartoe een groene overkluizing te maken. Dit is een krachtig idee, maar we vinden wel dat er hier dan ook een verdichtingsslag hoort plaats te vinden, aangezien dit een van de drie potentiële verdichtingslocaties in het Central Innovation District (CID) is die de stad kan benutten. 

De bureaus zetten deze verdichtingsslag beiden in. PosadMaxwan plaatst aan de Bezuidenhout West zijde van het lineaire park hoge woontorens op een vierlaags basement. Het plan voegt daarmee veel (124.000 m2) bruto vloeroppervlak toe.
LOLA presenteert onder meer hoge open woonblokken met residentiële bebouwing aan het park in Bezuidenhout West. 

Uit de voorstellen zijn drie lessen af te leiden: (1) maak nieuwe stedelijke kwaliteit aan het lineaire park, maar let daarbij wel op bezonning en windkwesties, (2) zorg voor een goede businesscase als bijdrage aan de kostbare wegoverkluizing en (3) maak goede overgangen naar de aanliggende wijk van Bezuidenhout West.

We bevelen aan om de nieuwbouwideeën in overweging te nemen, ondanks dat de voorstellen op dit punt wellicht te ver gaan en er geen wens is bestaande bebouwing te slopen. Nieuwbouw is op deze bijzondere plek zoals gezegd om meerdere redenen goed te beargumenteren. Ga daarom eens op oriënterend gesprek bij de eigenaar van de huidige bebouwing, ook al heeft deze partij vooralsnog geen sloopplannen. 

7.    Doe echt iets aan de Beatrixlaan
De Prinses Beatrixlaan is, afgezien van de te overkluizen ruimte boven op de Utrechtsebaan, dé ruggengraat van het Beatrixkwartier. Dit semi-metro-traject genaamd ‘de Netkous’ is bijzonder karakteristiek, maar de verblijfskwaliteit van de straat kan nog veel verbeteren. Denk aan het programmeren van de gebouwplinten, het verminderen van het aantal rijbanen in het profiel en het vergroenen met bomen en kruidenrijk gras. 

LOLA ziet deze kwaliteiten ook en voegt vervolgens ook nog water aan de laan toe, met een verblijfplek en een voetgangersbrug. We vinden dit een interessante gedachte die veel ruimtelijke kwaliteit oplevert en waarbij het oppervlaktewater door LOLA ook nog wordt benut als warmtebron. Het water loopt echter niet door, wat meestal nodig is voor een goede waterkwaliteit; dit verdient nog nader onderzoek.
 

8.    Verbeter ook de Schenkkade
De Schenkkade heeft de potentie om een ecologische verbinding te zijn en een aantrekkelijke verbinding in het routenetwerk van ommetjes in de stad. LOLA brengt dit fraai in beeld door onder meer het Schenkviaduct te vergroenen en het water in de straat door te trekken. Het zijn aantrekkelijke interventies die naast meer kwaliteit op oogniveau, een verhoogde biodiversiteit en extra stedelijke koeling opleveren.

9.    Stel lokale duurzame energie voor iedereen in het gebied beschikbaar via WKO en benut de lokale energie- en opslagmogelijkheden optimaal 
De kansen voor dit gebied liggen op het gebied van energie bij de aanleg van een collectief warmte- en koudeopslagsysteem, met uitwisseling van warmte en koude tussen de gebouwen. Niet bij het lokaal opwekken van elektriciteit, dit moet van buitenaf worden gehaald. Vandaar dat IF Technology voorstelt: maak het WKO-systeem modulair zodat het makkelijk uitbreidbaar is. 

Beide bureaus hebben dit systeem in hun plan geïntegreerd. Het gaat om een tweepijpssysteem voor de brontemperatuur in een obstakelvrije zone van 2 à 2,5 meter. Deze pijpen hebben een diameter van 600 millimeter. De bestaande woningen krijgen middentemperatuur. Het volledige systeem is uitbreidbaar en opschaalbaar naar de Laan van NOI, de Binckhorst en het Centraal Station. 

LOLA heeft de koppelleiding onder het verhoogde semi-metro-traject van ‘de Netkous’ gelegd met daaronder gras. Zij bieden naast een collectief WKO-systeem een brede range aan lokale energietoepassingen. We zien hogere daken van gebouwen met groen en zonnepanelen. Zonnepanelen aan of geïntegreerd in gevels, ‘de Netkous’ of de straatverlichting en warmtewinning uit oppervlaktewater. Wat ons betreft benadrukt het bureau hiermee het belang om alle voorhanden liggende bronnen te benutten. 

Aan het plan van PosadMaxwan waarderen we de wijze waarop de koppelleiding  zichtbaar is gemaakt. Hier heeft PosadMaxwan Europa’s langste bank met diverse parkfuncties, waaronder een poort, een kiosk, een goot en een bak met waterplanten, geplaatst. Deze ingreep heeft wat ons betreft ook een symbolische waarde. Het draagt bij aan de bewustwording van bewoners en toont hoe de stad met haar energieopgave bezig is. 

Het idee om het koudeoverschot in de zomer voor koeling van de bank te benutten vinden we minder overtuigend. Dit draagt niet bij aan het hitte mitigatie-effect van de stad, waarvoor beter beplanting en waterelementen toegepast kunnen worden.

10.    Zet vaker in op interdisciplinair onderzoek bij stadsontwikkeling en maak tijdig inzichtelijk wat plannen opleveren
Het vroegtijdig bij elkaar zetten van ontwerpers en experts, in dit geval op het gebied van klimaat en energie, zorgt voor meerwaarde in het project. Dit heeft voor dit project het volgende opgeleverd: 

Klimaat
De klimaatexpert heeft via de Envi methode het microklimaat in het Beatrixkwartier beoordeeld. In de beoordeling zijn de twee voorstellen van de ontwerpers afgezet tegenover twee situaties, te weten de huidige situatie en model 4 van de gemeente met een park op de Utrechtsebaan en nieuwe gebouwen aan de parkrand (door Greenpass de concept gebiedsagenda genoemd). 

Duidelijk is dat alle ontwerpen (die van de gemeente en de ontwerpers) een verbetering voor het microklimaat ten opzichte van de status quo vormen, vanwege de overkluizing van de Utrechtsebaan en de ingezette vergroening. De voorstellen van de ontwerpers onderscheiden zich in positieve zin van het gemeentelijke model 4 op de parameters thermisch comfort, thermische opslag en afwatering.

Omdat er veel parameters in de kwantitatieve analyse worden meegewogen, is de vraag waarom het ene model op een prestatiescore beter scoort dan een ander model helaas grotendeels onbeantwoord gebleven. Dit betekent dat deze kwantitatieve beoordeling wel goed inzage geeft in wat het effect is van een ontwerp, maar dat het ontwerpers vooralsnog weinig handvatten geeft om aan de knoppen te kunnen draaien. 

Desondanks toont deze exercitie voor ons wel aan dat het belangrijk is om de effecten op het microklimaat bij het verduurzamen van de stad in beeld te brengen.

We willen drie zaken hier nog wat nader uitlichten.
Allereerst dat de thermische opslag in de voorstellen als gevolg van een hogere bebouwingsdichtheid logischerwijs toeneemt ten opzichte van de status quo. 
Ten tweede dat model 4 van de gemeente ten opzichte van de voorstellen van de ontwerpers beter scoort op thermische belasting; dit heeft waarschijnlijk te maken met de opzet van de bebouwing aan de parkrand.
En ten derde dat de CO2 opslag het grootst is in het plan van PosadMaxwan. Dit komt doordat dit voorstel de meeste groene ruimten heeft en bovendien het grootste aantal grote bomen heeft. 

In algemene zin is het zo dat hoe groener de omgeving is, hoe beter het microklimaat is (dus denk ook aan gevelbegroeiing en groene daken). Het vergroenen van de buitenruimte bereikt natuurlijk ergens wel een grens, want naast schaduwplekken is het ook prettig om in een stad zonnige plekken te hebben. 

Wij adviseren in ieder geval om met Greenpass nog eens naar een paar plekken te kijken hoe deze verder te verbeteren. Dit zijn de binnenhoven (overgebleven warme plekken en minder goed ventilerende plekken), de nieuwbouw aan de parkrand en langs de Schenkkade (beperkt thermisch comfort), en de Beatrixlaan en de Juliana van Stolberglaan (kans op windvlagen).
 
Energie
De inzet van de IF Technology is geweest om naar de mogelijkheden en toepassingen van duurzame energie en naar de kwantitatieve parameters van de ontwerpvoorstellen te kijken. Een echte kwantitatieve analyse was in deze fase uiteindelijk niet mogelijk; dit zou een veel te groot detailniveau van de voorstellen vergen. We weten daarom nog niet welke hoeveelheden energie er exact door het gebied gaan.

Wat wel duidelijk is, is dat het Beatrixkwartier niet energieneutraal kan worden gemaakt. Daar is de hoeveelheid bebouwing simpelweg veel te groot voor. Het is wat ons betreft ook niet nodig, want er is niets op tegen om duurzame stroom vanuit andere gebieden het Beatrixkwartier in te brengen. De levering van warmte en koude zal wel lokaal opgelost moeten worden. 


Tenslotte bleek uit dit project dat het hier noodzakelijk is om lage temperatuur warmtebronnen in het gebied te benutten, zoals warmte uit oppervlaktewater en warmte uit het rioolgemaal. De zonnepanelen zullen daarnaast nodig zijn om de bouwnormen te halen en zijn in die zin ook cruciaal voor de ontwikkelaars.

11.    Het betrekken van stakeholders en diverse afdelingen binnen de organisatie bij de gebiedsontwikkeling creëert draagvlak en enthousiasme
Uitspraken als ‘wervend‘, ‘hoopvol‘, ‘onder de indruk‘, ‘valt goed‘, ‘blij met support‘ en ‘schrik er niet van‘ werden tijdens de spiegelbijeenkomst zoal genoemd. Tegelijkertijd zijn er ook kritische opmerkingen en waardevolle kanttekeningen door betrokkenen gemaakt waarmee de gemeente Den Haag verder aan de slag kan. Hiervan is het goed dat deze nu al naar boven zijn komen; ze zijn belangrijk voor de neergelegde concepten en verdienen verdergaand onderzoek.

Tot slot

Het O-team was in het begin van het traject erg benieuwd of het zou lukken om de vergroening en verduurzaming van het gebied te kwantificeren en daarmee te “bewijzen”. Dat is tot op het niveau van detaillering die de voorstellen nu hebben - in het korte O-team traject van een paar maanden - gelukt. Op het vlak van klimaat is er nog werk aan de winkel om de wetenschappelijke kennis (van Greenpass) naar de praktijk – en het ruimtelijk ontwerp – te brengen. Dit project is hierin een mooie (begin)stap geweest en we verwachten dat er nog vele vervolgstappen in Nederland zullen volgen. 

Verdichten, verduurzamen en vergroenen is een drie-eenheid, die je tegelijkertijd moet toepassen. Niet alleen in het CID, maar ook bij andere gebiedsontwikkelingen in Nederland. Een groene inrichting is goed voor klimaatadaptatie en biodiversiteit en heeft ook een sociaaleconomische waarde. Dit project kan daartoe als een voorbeeld worden gezien. 

Als laatste willen we voor de toekomst meegeven ervoor te zorgen dat er in het gebied geen volume wordt bijgebouwd, zonder dat de bovenstaande bevindingen voor een duurzaam en groen kwartier worden geïntegreerd.