Amsterdam Zuidoost

Met de ontwikkeling van Amstel III in Amsterdam Zuidoost zal er meer woonfunctie worden toegevoegd aan het gebied. Dit levert een situatie op waarbij bewoners uit de H-buurt kunnen gaan profiteren van nieuwe voorzieningen in Amstel III en andersom wil je dat de nieuwe bewoners van Amstel III Bijlmer Centrum als hun verblijfsgebied gaan zien.

Om dit te bereiken heeft de gemeente Amsterdam de ambitie uitgesproken om de spoorzone meer te activeren en de barrière-werking ervan tussen Bijlmer Centrum en Amstel III te slechten. Deze ‘ruggengraat’ vormt een barrière – zowel fysiek, sociaal, maatschappelijk als economisch – tussen de Bijlmer Centrum en Amstel III.

28 februari 2019 – 15 mei 2019
Opdrachtgevers: gemeente Amsterdam

Ontwerprichtingen

Naar aanleiding van een uitgebreide inventarisatie heeft het O-team een drietal thema’s voor het spoorzonegebied van ‘de ruggengraat’ gedefinieerd en bij elk thema een ontwerpbureau geselecteerd.

Thema: Mobiliteit en bereikbaarheid

Onder de titel ‘De Herniaoperatie’ is gevraagd onderzoek te doen om nieuwe publieke ruimten te creëren onder en rond de sporen of bestaande onderdoorgangen te vergroten. Naast het aanpakken van de bestaande spoorzone om de bereikbaarheid tussen beide wijken te vergroten is er ook gekeken of het bestaande OV-net alle nieuwe bewoners in het gebied kan bedienen.

Thema: Fietsverbindingen en alternatieve ontwerprichtingen

De ‘ruggengraat’ vormt een blokkade voor de interactie tussen de twee wijken. Hierdoor worden de verschillen in gebruik tussen de twee wijken steeds groter en zorgt dit er ook voor dat de verdere complementaire integratie tussen de wijken wordt verhinderd. Op dit moment worden de routes van de fietsers bepaald door de bestaande bebouwing, wat verre van optimaal is wat betreft fietsafstand, -veiligheid en –beleving.

Thema: Veiligheid en gezondheid

Binnen dit thema ligt de focus op bewegen om de gebieden aan weerszijden van het spoor te verbinden – zowel fysiek als tussen mensen. In plaats van grote fysieke ingrepen in het gebied, gaat het ook om routing, programmering en gebruik maken van de bestaande (semi-)publieke ruimte. Het inrichten van de openbare ruimte als een gecombineerd ‘urban sportstrack’ en aantrekkelijk wandelgebied draagt er aan bij dat er meer mensen in het gebied actief zijn – ook buiten kantoortijden.

Fase 1: Kick-off 28 februari 2019

De gemeente Amsterdam – stadsdeel Zuidoost – ontving als opdrachtgever de ontwerpers, stakeholders en het O-team in het projectatelier, midden in het onderzoeksgebied. Doel van de kick-off is het kennismaken en uitwisselen van informatie tussen de ontwerpers en stakeholders met betrekking tot de ontwerpende onderzoeken. Het O-team, RCD en de gemeente schetsen de aanleiding en achtergrond van de opdracht. Nadat de ontwerpers zich hadden voorgesteld volgde er een Q&A met de stakeholders van het gebied. Ter afsluiting van de kick-off hebben de ontwerpers fysiek kennis kunnen maken met de gebieden aan weerszijden met de ruggengraat tijdens een wandeling met alle stakeholders en opdrachtgevers .

Fase 2: spiegeldag 15 mei 2019

De opbrengst van de inventarisatie, het ontwerpend onderzoek door de bureaus en de workshop tijdens de spiegeldag worden hierna per deelverkenning samenvattend uiteengezet. De volledige verkenningen zijn terug te lezen in de rapportages van de bureaus welke terug te vinden zijn aan het eind van iedere deelverkenning.

Thema ‘Mobiliteit en bereikbaarheid’ door PosadMaxwan

PosadMaxwan stelt dat de omgeving Bullewijk achterstandswijk en tegelijkertijd transformatiegebied is. Waarbij de vraag moet worden beantwoord welke ruimtelijke ingrepen maximaal bijdragen aan de leefbaarheid en socio- economische ontwikkeling van het grotere geheel, Amstelstad.

Het huidige beeld kenmerkt zich immers vooral door sociaal- economische problemen, een eenzijdig woningaanbod en weinig voorzieningen. De openbare ruimte is van een lage kwaliteit en slecht gebruikt.

In ruimtelijk opzicht domineert infrastructuur stedelijkheid in de N-Z richting. Inzoomend op Bullewijk zijn grenzen ook eindpunten, zijn ontwikkelingen gescheiden en naar binnen georiënteerd. Anderzijds is het gebied zeer goed ontsloten door de auto en het openbaar vervoer en met de opgang gekomen transformatie van het kantorengebied naar wonen kansrijk voor de juiste ingrepen.

PosadMaxwan komt vanuit het ontwerpend onderzoek tot het volgende:

  1. Verbind ontwikkelingen, waar grenzen geen eindpunt zijn, maar pitstops. Waar infrastructuur gericht op doorstroming wordt omgebogen naar maximale ontmoeting. Waar monofunctionele, intern georiënteerde wijken transformeren naar op de straat gerichte multifunctionele zones.
  2. Laat meer zonlicht toe in het station en breng publieke plinten aan, met een opwaardering van de openbare ruimte. Verdichting rondom het spoor is een verdere stap. Ga vervolgens die verdichting uitbreiden met aantrekkelijke straten en laat dit uitgroeien tot een stedelijk netwerk.
  3. Ontwikkel direct rondom het station vastgoed in hoge dichtheid, zo mogelijk bovenop het station, met op de straat gerichte plinten. Zoek daar met het Metrobedrijf en NS naar een passende programmering in de onderdoorgang en ga tegelijkertijd de openbare ruimte opwaarderen.
  4. Koppel verder gelegen ontwikkelingslocaties door (nieuwe) verbonden openbare ruimte. Het netwerk functioneert daarbij als aanvulling op de bestaande infrastructuur en kan hierdoor grotendeels autoluw blijven. Zie kruisingen als kans voor ontmoeting met nieuwe voorzieningen in centrale openbare ruimtes.

Tijdens de Spiegeldag werd door stakeholders benadrukt om metrostation te upgraden en de nachtdienstregeling te bezien om de sociale controle te verbeteren. De ontwikkeling rondom Ikea werd gezien als mogelijkheid om bronpunten via nieuwe openbare ruimte te verbinden. Het voorliggende raamwerk kan dergelijke initiatieven sturen.

Beeld uit het rapport van PosadMaxwan.

Thema ‘Fietsverbindingen en alternatieve ontwerprichtingen’ door Studio L A

Studio L A heeft de opdracht meegekregen om met de fietsverbindingen en -paden de gebieden Amstel III en de H-buurt met elkaar te verbinden. Studio L A heeft veel tijd doorgebracht in beide wijken en spraken daar met veel bewoners en ontdekte een groenrijk gebied met veel tegenstellingen. Zij zien dat er naast de vele uitdagingen, ook vele goede activiteiten worden ontplooid binnen de wijken zelf.

Studio L A pleit voor basisingrepen om verbindingen te verbeteren en bestaande paden op elkaar aan te sluiten. Door het slopen van parkeergarages, het aanbrengen van hoogwaardige groene publieke ruimten, open plinten op maaiveld en meer publieke functies ontstaat er een meer aantrekkelijk, overzichtelijk en veilig gebied.

Studio L A kwam tot de volgende aanbevelingen:

  1. Fietspaden moeten een verbinder zijn die in relatie staat tot de omgeving. Richt de functies (winkels, kantoren en horeca) met de voorzijde naar de fietspaden. In tegenstelling tot wat nu veel het geval is: dat je langs de achterzijden fietst.
  2. Rond het Bullewijkpad is al veel activiteit geïnitieerd, maar er is nog veel ongebruikte ruimte voor lopen, fietsen, ontmoeting, interactie met scholen, sport en spel en meer culturele verbinding. Gebruik de ongebruikte ruimte voor de transformatie van het Bullewijkpad tot ‘de boulevard’ waarbij de vele gesloten plinten ook open gemaakt moeten worden.
  3. De Hoptille-buurt kenmerkt zich als een gesloten ruimtelijke structuur door de parkeergarages, infrastructuur, intern gerichte woningen, weinig plint activatie, veel homogeniteit en weinig fietsverbindingen. De ontwerprichting ‘Park’ is een voorstel om de deze buurt aan te pakken en de leefbaarheid te verbeteren.
  4. Langs het spoor ziet Studio L A meer faciliteiten voor beweging en ontmoeting. De kleine opzichzelfstaande ‘beweegeilandjes’ dienen te worden verbonden tot een sport-zone. Door het fietspad te verleggen kunnen er in deze spoorzone meer apparaten en activiteiten voor sport en spel worden gepositioneerd.

Wanneer de wil daar is kan er bij wijze van spreken morgen al worden begonnen met enkele ingegrepen, omdat:

  • De aanpassingen aan het Bullewijkpad in Amstel III en de H-Buurt vrijwel naadloos aansluiten op de bestaande visie en daarmee goed realiseerbaar zijn;
  • Het eenvoudig is om duidelijk aan te geven dat het Bullewijkpad meer dan een fietspad is, bestempel het als een autoluwe ontmoetingszone;
  • Er een noodzaak is door het toenemende fietsverkeer na de ontwikkeling van Amstel III naar de binnenstad. Daarnaast is ‘de nieuwe kern’ (Ouder- Amstel) (‘nieuwe kern’) momenteel niet aantrekkelijk om doorheen te fietsen.
  • De voorstellen voor het Bullewijkpad relatief eenvoudiger te realiseren zijn dan Molenwetering. Het Bullewijkpad ligt er al, aan beide kanten wordt er al aan plannen gewerkt, er is al veel contact met bewoners en ondernemers in het gebied. Kansen om hier in het kader van de ontwikkelingen meer (groene) publieke ruimte te creëren liggen hier voor het oprapen.

Bovenstaande brengt wel andere uitdagingen met zich mee:

  • De meeste mensen in H-buurt fietsen (nog) niet. Door deze nieuwe routes kunnen er wellicht meer bewoners gemotiveerd en geïnteresseerd raken om wel de fiets te pakken;
  • De fietsverbindingen naar het centrum zijn nog onvoldoende uitgewerkt. Waar kunnen de fietsverbindingen tussen ‘oost’ en ‘west’ aantakken op bestaande of toekomstige (snelle) fietsverbindingen naar de binnenstad?
  • Fietsverbindingen moeten elk seizoen aantrekkelijk zijn en veilig voelen, waarbij verlichting een belangrijk bijdrage levert aan het veiligheidsgevoel evenals het tegengaan van potentiele hangplekken op onoverzichtelijke plekken zonder sociale controle.

Download het onderzoeksrapport van Studio L A.

Beeld uit het rapport van Studio L A.

Thema ‘Veiligheid en gezondheid’ door Felixx

Het ontwerpend onderzoek van Felixx Landscape Architects and Planners biedt een antwoord op de ‘waarom’-vraag en de ‘hoe’-vraag naar een veilige en gezonde leefomgeving in Amstel III en de Bijlmer.

Waarom

Een eerste constatering naar het ‘waarom’ van dit thema is dat in een gezonde omgeving de groene inrichting van de ruimte van groot belang is, vanwege haar (bewezen) positieve effect op ons welzijn. Groen doet de geestelijke gezondheid en immuniteit verbeteren en verhoogt de levensverwachting. Bovendien daagt het uit tot actief gedrag, in de vorm van beweging.

Felixx analyseert het gebied vanuit historisch perspectief en uit oogpunt van de spreiding van stedelijke functies en groen.

De algehele diagnose voor het gebied als geheel luidt:

  1. Amstel III is stenig en daarom vanuit klimatologisch perspectief een potentieel hitte-eiland.
  2. Er is onvoldoende ruimte voor waterberging en –infiltratie.
  3. De vele achterkanten van gebouwen rondom station Bullewijk dragen niet bij aan een hoogwaardige en veilige leefomgeving.
  4. In het gebied komt overgewicht meer dan gemiddeld voor.

Hoe

Als antwoord op vraag ‘hoe’ tot een gezonde en veilige omgeving te komen - schetst Felixx drie ontwerpmodellen, ‘de multi-loop’, ‘het park’ en ‘het icoon’. Interessant aan deze modellen is dat zij ieder andere kwaliteiten bezitten, verschillende actoren nodig hebben, de uitdagingen op verschillende schaalniveaus aanpakken en een verschillend perspectief op de opgave bieden.

Multi-loop model

Vier loops met ieder een ander thema die elkaar raken rondom station Bullewijk. Het zijn de fun-loop van acht kilometer ingericht voor kinderen. De actieve loop in de vorm van twee autovrije sportlussen van vier en tien kilometer. De blauwe loop, bestaande uit een twee bevaarbare – vanwege het verschil in polderpeil – zelfstandige loops. De kleine loop in Amstel III de grotere loop in de Bijlmer. En de zeventien kilometer lange eco-loop bestemd voor recreatieve doeleinden en ecologie.

Parkmodel

Concentreert zich op de langgerekte strook aan weerszijden van het spoor, die getransformeerd wordt tot stedelijke parkstrook. Relevante onderdelen die het gebied tot een aantrekkelijke bestemming maken zijn de waterstrook aan de zijde van Amstel III die – mede in verband met de klimaatopgave - wordt vergroot en geprogrammeerd met stedelijke functies. Met aan het park open plinten en bij station Bullewijk ontstaat het groots opgezette transparante indoorplein met arcades en stedelijke programma’s.

Icoonmodel

Maak ter plaatse van station Bullewijk als icoon voor Amsterdam een groene brugvormige heuvel over het spoor met een variëteit aan programma in en op de heuvel zoals outdoor functies, stadslandbouw, amfitheater, sportactiviteiten, detailhandel en kantoren. Gedurende de dag genereert dit levendigheid veiligheid en gezondheid. De heuvel heeft een directe verbinding met het station. Het idee van de verschillende loops draagt bij aan een de activatie van een brede doelgroep op verschillende niveaus. Over het icoon – hoe fascinerend ook – zijn de stakeholders het tijdens de spiegeldag met elkaar eens, dat is niet de juiste interventie op deze plek. Metrostation Bullewijk is niet een zodanig belangrijk station in het spoornetwerk en de metropoolregio Amsterdam dat een dergelijk groots gebaar hier gerechtvaardigd is.

Beeld uit het rapport van Felixx.

Fase 3: Advies O-team

De omvangrijke stedelijke transformatie in Amstel III vergt gro(o)t(s)e ingrepen. De nieuwe bewoners van Amstel III moeten zich thuis gaan voelen in het gebied en de huidige bewoners van de H-buurt moeten zich thuis blijven voelen tijdens en na de ontwikkelingen die ‘aan de andere kant’ plaatsvinden. Het is daarom goed dat de gemeente Amsterdam de duidelijke ambitie heeft uitgesproken om ‘de ruggengraat’ meer te activeren en deze als barrière tussen Bijlmer Centrum en Amstel III weg te nemen.

Vanuit de door de drie ontwerpbureaus aangedragen inspiratie en veelbelovende ideeën doet het O-team de volgende set aan aanbevelingen.

1. Denk breed

Om de potentie van het gebied aan te boren zal er op een structurele manier verandering op meerdere niveaus in het gebied moeten plaatsvinden; op gebouw- en stedenbouwkundig niveau, in de openbare ruimte en met betrekking tot de infrastructuur en de ecologie. De transformatie van Amstel III is het moment om andere grote opgaven als klimaatadaptatie mee te nemen. Tot slot is het belangrijk functies aan het gebied toe te voegen die het openbare leven op straat verlengen.

2. Maak van station Bullewijk een centrale plek in de verbinding oost - west

Een verbinding tussen de wijken komt alleen tot stand door op gebiedsniveau maatregelen in het netwerk en de programmering te treffen. Maak van metrostation Bullewijk een ruime en transparante onderdoorgang als interessant schakelstuk tussen de wijken, met een bijbehorende brede pleinvormige ruimte en een uitnodigend publiek programma. Ook hoort hier een verdichtingsstrategie rond dit knooppunt bij.

3. Heel en activeer de oost-west verbindingen

Hierbij gaat het om de langzaam verkeerroutes voor voetgangers en fietsers - met name in de oost-west richting - en werk aan het versterken van de thematische loops zoals die in het onderzoek van Felixx zijn aangedragen. Activeer de loops met aansluitend programma en maak voorkanten van gebouwen naar centrale publieke ruimtes. Het aanbrengen van ontbrekende fietsroutes in het bestaande rasternetwerk, het herkenbaar maken van plekken en de realisatie van loops voor ‘fun’, activiteit, varen en ecologie is eenvoudig te realiseren en kost niet veel geld. Begin hier morgen mee.

4. Bestem de noord-zuidzone langs het spoor als een bijzondere ruimte

De centrale ligging en breedte van deze lineaire ruimte daagt uit tot meer gebruik, een betere programmering (met publieke plekken er in), een oriëntatie met voorkanten van gebouwen en een rijkere groen-blauwe invulling ten behoeve van ecologie en waterberging; kortom een bijzondere stedelijke parkstrook, waarin ook het station ligt. Dit lineaire park sluit in de toekomst bijvoorbeeld aan op ‘de boulevard’ van het Bullewijkpad.

5. Verweef formele en informele functies

Het plangebied is gebaat bij een verweving van functies, waarbij formaliteit en informaliteit naast elkaar bestaan. Het café restaurant Oma Ietje in het woongebied van de Bijlmer, nabij station Bullewijk is hier een pakkend voorbeeld van. Zorg ervoor dat alle ingrepen in de omgeving een bijdrage leveren aan deze verweving. Het idee van het maken van loops brengt cultuur van de Bijlmer naar Amstel III en omgekeerd.

6. Zet een projectteam op voor beide gebieden

De gemeente staat voor een enorme ontwikkelingsopgave om Amstel III en Bijlmer Centrum te activeren en te verbinden. Voor beide gebieden zijn toegewijde projectteams aan het werk, maar gescheiden en apart aangestuurd. Samenvoeging van beide teams zou een absolute meerwaarde betekenen voor de verdere ontwikkelingsstappen. Een afspraak over de bestuurlijke aansturing kan in deze tijd niet langer als een onoverkomelijke hobbel worden gezien.

Download het complete rapport van het O-team.